Schrift met Schrift vergelijken

Matt 10:38  En die zijn kruis niet op zich neemt, en Mij navolgt, is Mijns niet waardig.

Matthéüs 4

De verzoeking in de woestijn

Matt 4:1 Toen a werd Jezus van den Geest weggeleid in de woestijn, om verzocht te worden van den duivel.

a: Mark 1:12 En terstond dreef Hem de Geest uit in de woestijn.
Luk 4:1 En Jezus, vol des Heiligen Geestes, keerde wederom van de Jordaan, en werd door den Geest geleid in de woestijn;

Matt 4:2 En als Hij veertig dagen en veertig nachten gevast had, hongerde Hem ten laatste.
Matt 4:3 En de verzoeker, tot Hem gekomen zijnde, zeide: Indien Gij Gods Zoon zijt, zeg, dat deze stenen broden worden.
Matt 4:4 Doch Hij, antwoordende, zeide: Er is geschreven: b De mens zal bij brood alleen niet leven, maar bij alle woord, dat door den mond Gods uitgaat.

b: Deut 8:3 En Hij verootmoedigde u, en liet u hongeren, en spijsde u met het Man, dat gij niet kendet, noch uw vaderen gekend hadden; opdat Hij u bekend maakte, dat de mens niet alleen van het brood leeft, maar dat de mens leeft van alles, wat uit des HEEREN mond uitgaat.

Matt 4:5 Toen nam Hem de duivel mede naar de heilige stad, en stelde Hem op de tinne des tempels;
Matt 4:6 En zeide tot Hem: Indien Gij Gods Zoon zijt, werp Uzelven nederwaarts; want er is geschreven, c dat Hij Zijn engelen van U bevelen zal, en [dat] zij U op de handen zullen nemen, opdat Gij niet te eniger tijd Uw voet aan een steen aanstoot.

c: Ps 91:11 Want Hij zal Zijn engelen van u bevelen, dat zij u bewaren in al uw wegen.
Ps 91:12 Zij zullen u op de handen dragen, opdat gij uw voet aan geen steen stoot.

Matt 4:7 Jezus zeide tot hem: Er is wederom geschreven: d Gij zult den Heere, uw God, niet verzoeken.

d: Deut 6:16 Gij zult den HEERE, uw God, niet verzoeken, gelijk als gij Hem verzocht hebt te Massa.

Matt 4:8 Wederom nam Hem de duivel mede op een zeer hogen berg, en toonde Hem al de koninkrijken der wereld, en hun heerlijkheid;
Matt 4:9 En zeide tot Hem: Al deze dingen zal ik U geven, indien Gij, nedervallende, mij zult aanbidden.
Matt 4:10 Toen zeide Jezus tot hem: Ga weg, satan, want er staat geschreven: e Den Heere, uw God, zult gij aanbidden, en Hem alleen dienen.

e: Deut 6:13 Gij zult den HEERE, uw God, vrezen, en Hem dienen; en gij zult bij Zijn Naam zweren.
Deut 10:20 Den HEERE, uw God, zult gij vrezen; Hem zult gij dienen, en Hem zult gij aanhangen, en bij Zijn Naam zweren.

Matt 4:11 Toen liet de duivel van Hem af; en ziet, de engelen zijn toegekomen, en dienden Hem.

Het begin van Jezus’ prediking

Matt 4:12 Als nu Jezus gehoord had, dat f Johannes overgeleverd was, is Hij wedergekeerd g naar Galiléa;

f: Mark 1:14 En nadat Johannes overgeleverd was, kwam Jezus in Galiléa, predikende het Evangelie van het Koninkrijk Gods.
Luk 4:14 En Jezus keerde wederom, door de kracht des Geestes, naar Galiléa; en het gerucht van Hem ging uit door het gehele omliggende land.

g: Luk 4:16 En Hij kwam te Názareth, daar Hij opgevoed was, en ging, naar Zijn gewoonte, op den dag des sabbats in de synagoge; en stond op om te lezen.
Luk 4:31 En Hij kwam af te Kapárnaüm, een stad van Galiléa, en leerde hen op de sabbatdagen.
Joh 4:43 En na de twee dagen ging Hij van daar en ging heen naar Galiléa;

Matt 4:13 En Názareth verlaten hebbende, is komen wonen te Kapárnaüm, gelegen aan de zee, in de landpale van Zebulon en Nafthali;
Matt 4:14 Opdat vervuld zou worden, hetgeen gesproken is door Jesája, den profeet, zeggende:
Matt 4:15 h Het land Zebulon en het land Nafthali [aan den] weg der zee over de Jordaan, Galiléa der volken;

h: Jes 8:23 Maar [het land], dat beangstigd was, zal niet [gans] verduisterd worden; gelijk als Hij het in den eersten tijd verachtelijk gemaakt heeft, naar het land van Zebulon aan, en naar het land van Nafthali aan, alzo heeft Hij het in het laatste heerlijk gemaakt, naar den weg zeewaarts aan [gelegen] over de Jordaan, aan Galiléa der heidenen.
Jes 9:1 Het volk, dat in duisternis wandelt, zal een groot licht zien; degenen, die wonen in het land van de schaduw des doods, over dezelve zal een licht schijnen.

Matt 4:16 Het volk, dat in duisternis zat, heeft een groot licht gezien; en degenen, die zaten in het land en de schaduwe des doods, denzelven is een licht opgegaan.
Matt 4:17 Van toen aan heeft Jezus begonnen te prediken en te zeggen: i Bekeert u; want het Koninkrijk der hemelen is nabij gekomen.

i: Mark 1:15 En zeggende: De tijd is vervuld, en het Koninkrijk Gods nabij gekomen; bekeert u, en gelooft het Evangelie.

De eerste discipelen

Matt 4:18 k En Jezus, wandelende aan de zee van Galiléa, zag twee broeders, [namelijk] Simon, gezegd Petrus, en Andréas, zijn broeder, het net in de zee werpende (want zij waren vissers);

k: Mark 1:16 En wandelende bij de Galilese zee, zag Hij Simon en Andréas, zijn broeder, werpende het net in de zee (want zij waren vissers);

Matt 4:19 En Hij zeide tot hen: Volgt Mij na, en Ik zal u vissers der mensen maken.
Matt 4:20 Zij dan, terstond de netten verlatende, zijn Hem nagevolgd.
Matt 4:21 En Hij, van daar voortgegaan zijnde, zag twee andere broeders, [namelijk] Jakobus, den [zoon] van Zebedéüs, en Johannes, zijn broeder, in het schip met hun vader Zebedéüs, hun netten vermakende, en heeft hen geroepen.
Matt 4:22 Zij dan, terstond verlatende het schip en hun vader, zijn Hem nagevolgd.
Matt 4:23 En Jezus omging geheel Galiléa, lerende in hun synagogen en predikende het Evangelie des Koninkrijks, en genezende alle ziekte en alle kwale onder het volk.
Matt 4:24 En Zijn gerucht ging [van daar] uit in geheel Syrië; en zij brachten tot Hem allen, die kwalijk gesteld waren, met verscheidene ziekten en pijnen bevangen zijnde, en van den duivel bezeten, en maanzieken en geraakten; en Hij genas dezelve.
Matt 4:25 En vele scharen volgden Hem na, van Galiléa en [van] Dekápolis, en [van] Jeruzalem, en [van] Judéa, en [van] over de Jordaan.

Spread the Scripture
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •   
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
Updated: October 28, 2019 — 10:41 pm
My CMS © 2018 Frontier Theme