Schrift met Schrift vergelijken

Matt 10:38  En die zijn kruis niet op zich neemt, en Mij navolgt, is Mijns niet waardig.

Job 27

Job verdedigt zijn onschuld.

1 En Job ging voort zijn spreuk op te heffen, en zeide:
2 [Zo] [waarachtig] [als] God leeft, Die mijn recht weggenomen heeft, en de Almachtige, Die mijner ziel bitterheid heeft aangedaan!
3 Zo lang als mijn adem in mij zal zijn, en het geblaas Gods in mijn neus;
4 Indien mijn lippen onrecht zullen spreken, en indien mijn tong bedrog zal uitspreken!
5 Het zij verre van mij, dat ik ulieden rechtvaardigen zou; totdat ik den geest zal gegeven hebben, zal ik mijn oprechtigheid van mij niet wegdoen.
6 Aan mijn gerechtigheid zal ik vasthouden, en zal ze niet laten varen; mijn hart zal [die] niet versmaden van mijn dagen.
7 Mijn vijand zij als de goddeloze, en die zich tegen mij opmaakt, als de verkeerde.
aWant wat is de verwachting des huichelaars, als hij zal gierig geweest zijn, wanneer God zijn ziel zal uittrekken?

a: Mat 16:26 Want wat baat het een mens, zo hij de gehele wereld gewint, en lijdt schade zijner ziel? Of wat zal een mens geven, tot lossing van zijn ziel?
Luk 12:20 Maar God zeide tot hem: Gij dwaas! in dezen nacht zal men uw ziel van u afeisen; en hetgeen gij bereid hebt, wiens zal het zijn?

bZal God zijn geroep horen, als benauwdheid over hem komt?

b: Job 35:12 Daar roepen zij; maar Hij antwoordt niet, vanwege den hoogmoed der bozen.
Psa 18:42 Zij riepen, maar er was geen verlosser; tot den HEERE, maar Hij antwoordde hun niet.
Psa 109:7 Als hij gericht wordt, zo ga hij schuldig uit, en zijn gebed zij tot zonde.
Spr 1:28 Dan zullen zij tot Mij roepen, maar Ik zal niet antwoorden; zij zullen Mij vroeg zoeken, maar zullen Mij niet vinden;
Spr 28:9 Die zijn oor afwendt van de wet te horen, diens gebed zelfs zal een gruwel zijn.
Isa 1:15 En als gijlieden uw handen uitbreidt, verberg Ik Mijn ogen voor u; ook wanneer gij het gebed vermenigvuldigt, hoor Ik niet; want uw handen zijn vol bloed.
Jer 14:12 Ofschoon zij vasten, Ik zal naar hun geschrei niet horen, en ofschoon zij brandoffer en spijsoffer offeren, Ik zal aan hen geen welgevallen hebben; maar door het zwaard, en door den honger, en door de pestilentie zal Ik hen verteren.
Eze 8:18 Daarom zal Ik ook handelen in grimmigheid, Mijn oog zal niet verschonen, en Ik zal niet sparen; hoewel zij voor Mijn oren met luider stem roepen, nochtans zal Ik hen niet horen.
Mic 3:4 Alsdan zullen zij roepen tot den HEERE, doch Hij zal hen niet verhoren; maar zal Zijn aangezicht te dier tijd voor hen verbergen, gelijk als zij hun handelingen kwaad gemaakt hebben.
Joh 9:31 En wij weten, dat God de zondaars niet hoort; maar zo iemand godvruchtig is, en Zijn wil doet, dien hoort Hij.
Jas 4:3 Gij bidt, en gij ontvangt niet, omdat gij kwalijk bidt, opdat gij het in uw wellusten doorbrengen zoudt.

10 Zal hij zich verlustigen in den Almachtige? Zal hij God aanroepen te aller tijd?
11 Ik zal ulieden leren van de hand Gods; wat bij den Almachtige is, zal ik niet verhelen.
12 Ziet, gij zelve allen hebt het gezien; en waarom wordt gij dus door ijdelheid verijdeld?
13 cDit is het deel des goddelozen mensen bij God, en de erve der tirannen, [die] zij van den Almachtige ontvangen zullen.

c: Job 20:29 Dit is het deel des goddelozen mensen van God, en de erve zijner redenen van God.

14 Indien zijn kinderen vermenigvuldigen, dhet is ten zwaarde; en zijn spruiten zullen van brood niet verzadigd worden.

d: Deu 28:41 Zonen en dochteren zult gij gewinnen, maar zij zullen voor u niet zijn; want zij zullen in gevangenis gaan.
Hos 9:13 Efraim is, gelijk als Ik Tyrus aanzag, die geplant is in een liefelijke woonplaats; maar Efraim zal zijn kinderen moeten uitbrengen tot den doodslager.

15 Zijn overgeblevenen zullen in den dood begraven worden, en ezijn weduwen zullen niet wenen.

e: Psa 78:64 Hun priesters vielen door het zwaard, en hun weduwen weenden niet.

16 Zo hij zilver opgehoopt zal hebben als stof, en kleding bereid als leem;
17 Hij zal ze bereiden, fmaar de rechtvaardige zal ze aantrekken, en de onschuldige zal het zilver delen.

f: Spr 28:8 Die zijn goed vermeerdert met woeker en met overwinst, vergadert dat voor dengene, die zich des armen ontfermt.
Pre 2:26 Want Hij geeft wijsheid, en wetenschap, en vreugde den mens, die goed is voor Zijn aangezicht; maar den zondaar geeft Hij bezigheid om te verzamelen en te vergaderen, opdat Hij het geve dien, die goed is voor Gods aangezicht. Dit is ook ijdelheid en kwelling des geestes.

18 Hij bouwt zijn huis als een motte, en als een hoeder de hutte maakt.
19 gRijk ligt hij neder, en wordt niet weggenomen; doet hij zijn ogen open, zo is hij er niet.

g: Psa 49:18 Want hij zal in zijn sterven niet met al medenemen, zijn eer zal hem niet nadalen.

20 hVerschrikkingen zullen hem als wateren aangrijpen; des nachts zal hem een wervelwind wegstelen.

h: Job 15:21 Het geluid der verschrikkingen is in zijn oren; in den vrede zelven komt de verwoester hem over.
Job 18:11 De beroeringen zullen hem rondom verschrikken, en hem verstrooien op zijn voeten.

21 De oostenwind zal hem wegvoeren, dat hij henengaat, en zal hem wegstormen uit zijn plaats.
22 En [God] zal [dit] over hem werpen, en niet sparen; van Zijn hand zal hij snellijk vlieden.
23 [Een] [ieder] zal over hem met zijn handen klappen, en over hem fluiten uit zijn plaats.

Spread the Scripture
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •   
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
Updated: October 28, 2019 — 11:55 pm
My CMS © 2018 Frontier Theme