Schrift met Schrift vergelijken

Matt 10:38  En die zijn kruis niet op zich neemt, en Mij navolgt, is Mijns niet waardig.

Hooglied 4

De schoonheid der bruid

Hoogl 4:1 Zie, gij zijt schoon, Mijn vriendin! zie, gij zijt schoon; uw ogen zijn duiven ogen a tussen uw vlechten; b uw haar is als een kudde geiten, die het gras van den berg Gileads afscheren.

a: Hoogl 4:3 Uw lippen zijn als een scharlaken snoer, en uw spraak is liefelijk; de slaap uws hoofds is als een stuk van een granaatappel tussen uw vlechten.
Hoogl 6:7 Uw wangen zijn als een stuk van een granaatappel tussen uw vlechten.

b: Hoogl 6:5 Wend uw ogen van Mij af, want zij doen Mij geweld aan; uw haar is als een kudde geiten, die het gras van Gílead afscheren.

Hoogl 4:2 Uw tanden zijn als een kudde schapen, die geschoren zijn, die uit de wasstede opkomen; die al te zamen tweelingen voortbrengen, en geen onder hen is jongeloos.
Hoogl 4:3 Uw lippen zijn als een scharlaken snoer, en uw spraak c is liefelijk; de slaap uws hoofds is als een stuk van een granaatappel tussen uw vlechten.

c: Ps 147:1 Looft den HEERE, want onzen God te psalmzingen is goed, dewijl Hij liefelijk is; de lof is betamelijk.
Kol 4:6 Uw woord zij te allen tijde in aangenaamheid, met zout besprengd, opdat gij moogt weten, hoe gij een iegelijk moet antwoorden.

Hoogl 4:4 d Uw hals is als Davids toren, die gebouwd is tot ophanging van wapentuig, waar duizend rondassen aan hangen, altemaal zijnde schilden der helden.

d: Hoogl 7:4 Uw hals is als een elpenbenen toren, uw ogen zijn als de vijvers te Hesbon, bij de poort van Bath-Rabbim; uw neus is als de toren van Libanon, die tegen Damaskus ziet.

Hoogl 4:5 e Uw twee borsten zijn gelijk twee welpen, tweelingen van een ree, die onder de leliën weiden.

e: Hoogl 7:3 Uw twee borsten zijn als twee welpen, tweelingen van een ree.

Hoogl 4:6 Totdat de dag aankomt, en de schaduwen vlieden, zal Ik gaan tot den mirreberg, en tot den wierookheuvel.
Hoogl 4:7 Geheel zijt gij schoon, Mijn vriendin, en er is geen gebrek aan u.
Hoogl 4:8 Bij Mij van den Libanon af, o bruid! kom bij Mij van den Libanon af; zie van den top van Amána, van den top van Senir en van Hermon, van de woningen der leeuwinnen, van de bergen der luipaarden.
Hoogl 4:9 Gij hebt Mij het hart genomen, Mijn zuster, o bruid! gij hebt Mij het hart genomen, met een van uw ogen, met een keten van uw hals.
Hoogl 4:10 Hoe schoon is uw uitnemende liefde, Mijn zuster, o bruid! hoeveel beter is uw uitnemende liefde dan wijn, en de reuk uwer oliën dan alle specerijen!
Hoogl 4:11 Uw lippen, o bruid! druppen van honigzeem; honig en melk is onder uw tong, en de reuk uwer klederen is als de reuk van Libanon.
Hoogl 4:12 Mijn zuster, o bruid! gij zijt een besloten hof, een besloten wel, een verzegelde fontein.
Hoogl 4:13 Uw scheuten zijn een paradijs van granaatappelen, met edele vruchten, cyprus met nardus;
Hoogl 4:14 Nardus en saffraan, kalmus en kaneel, met allerlei bomen van wierook, mirre en aloë, mitsgaders alle voornaamste specerijen.
Hoogl 4:15 O fontein der hoven, put der levende wateren, die uit Libanon vloeien!
Hoogl 4:16 Ontwaak, noordenwind! en kom, Gij zuidenwind! doorwaai mijn hof, dat zijn specerijen uitvloeien. O, dat mijn Liefste tot Zijn hof kwame, en ate zijn edele vruchten!

Spread the Scripture
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •   
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
Updated: October 28, 2019 — 11:46 pm
My CMS © 2018 Frontier Theme