Y Gwir yn erbyn y byd

De Waarheid tegen de wereld

Month: June 2018

De antichrist is onder ons

In het artikel van het blad Amen staat onder andere:

De laatste tijd staat de Maitreya weer in de belangstelling. Velen noemen hem “meester” of “christus “. Hij heeft een profeet, †Benjamin Creme. In het blad “Share” worden zijn profetieën bekend gemaakt en wordt gesproken over zijn wonderbaarlijke verschijningen in verschillende menselijke gedaanten. Wij zijn hier getuige van de combinatie van een valse profeet, een valse christus en een valse leer gepaard gaande met wonderen. Precies zoals de Heer Jezus dat zei: “Want er zullen valse christussen en valse profeten opstaan en zij zullen grote tekenen en wonderen doen, zodat zij, ware het mogelijk, ook de uitverkorenen zouden verleiden. Matth 24.24, Mark. 13:22 In april van dit jaar werd “de wederverschijning ” van Maitreya als dé christus op nieuw aangekondigd. Spoedig zal Maitreya zijn aanwezigheid onomstotelijk bewijzen en oproepen tot een eens gezinde inspanning om deze wereld te redden. Via de televisie zullen zijn woorden op grote schaal weerklinken. Onder zijn stimulans zullen de mensen krachtdadig de omstandigheden scheppen, waarin de mensheid in vrede kan leven …..

De Maitreya verschijnt vanaf 1988 regelmatig “uit het niets ” voor grote groepen (meestal fundamentalistische christenen), waarbij hij telkens als de “christus ” wordt herkend. Zo is hij gesignaleerd in Amerika, Afrika, Rusland, Servië, Italië, Spanje, Azië, Zwitserland, Mexico, Duitsland, Noorwegen, Oostenrijk en Schotland. In Nairobi werd hij gefotografeerd, toen hij daar duizenden mensen toesprak op een (Christelijke) genezingsbijeenkomst. Dit jaar verscheen hij op 26 februari in Nederland. Volgens eerdere profetieën had deze oosterling, zich in 1982 reeds wereldwijd als “christus” moeten openbaren. Echter de media schonken er onvoldoende aandacht aan, reden voor hem, om zijn macht nog niet aan de wereld te tonen.

Dat is het verhaal van Maitreya en zijn profeet en zijn aanhang. In de Telegraaf hebben zelfs paginagrote advertenties gestaan. We kregen toentertijd even de zenuwen. Ik herinner mij dat een broeder zich boos maakte. Hij liet toen o.a. in de Telegraaf advertenties plaatsen met de mededeling: “Als dit werkelijk gebeurt, dan is hij de antichrist. ” Toen het niet doorging, hebben wij hartelijk gelachen.

Het artikel vervolgt met:

Opnieuw werd aangekondigd, dat dit in het weekend van 20 en 21 april 1990 zou plaatshebben. Dit gebeurde niet, omdat de mensheid er nog niet rijp voor was. Wanneer mensen hem zouden erkennen, zou zijn “verklaringsdag” spoedig aanbreken. Volgens zijn profetie van april jongstleden, zou de wereld hem ditmaal wel willen ontvangen. Wat gebeurt er dan? De gehele wereld zal hij mentaal “overschaduwen”en hij zal er geen twijfel meer over laten bestaan, dat hij de enige echte wereldleraar is. Wanneer die dag aanbreekt zal iedere volgeling hem langs telepathische weg, innerlijk horen in zijn eigen taal.

(more…)

Updated: July 11, 2018 — 1:13 pm

Iran remains the greatest threat to Israel’s existence, says Netanyahu – TV7 Israel News 29.06.18

Updated: July 11, 2018 — 1:13 pm

Hamas versus IDF

Peace will come when the Arabs start to love their children more than they hate us.

Golda Meir.                                                                                                                               Met dank aan Roel du Pree

Updated: July 11, 2018 — 1:13 pm

De Palestijnse Staat

Zefanja, hoofdstuk 2. Vers 1 – 7.

  1. Doorzoek uzelf nauw, ja doorzoek nauw, gij volk, dat met  geen lust bevangen wordt!
  2. Eer het besluit bare (gelijk kaf gaat de dag voorbij), terwijl de hittigheid van des Heeren toom over ulieden nog niet komt; terwijl de dag van de toom des Heeren over ulieden nog niet komt.
  3. Zoekt den Heere, alle gij zachtmoedigen des lands, die Zijn recht werken!
    Zoekt gerechtigheid, zoekt zachtmoedigheid, misschien zult gij verborgen worden in den dag van den toom des Heeren.
  4. Want Gaza zal verlaten wezen, en A’skelon zal ter verwoesting wezen; Asdod
    zal men in de middag verdrijven, en Ekron zal uitgeworteld worden.
  5. Wee den inwoneren van de landstreek der zee, den volken der Cherétim!
    Het Woord des Heeren zal tegen ulieden zijn, gij Kanaän, der Filistijnen land! En Ik zal u verdoen, dat er geen inwoner zal zijn.
  6. En de landstreek der zee zal wezen tot hutten, uitgegraven putten der herders, en betuiningen der kudden.
  7. En de landstreek zal wezen voor het overblijfsel van het huis van Juda, dat zij daarin weiden; des avonds zullen zij in de huizen van A’skelon legeren, als de Heere, hunlieder God, hen zal bezocht, en hun gevangenis zal gewend hebben.

Wat we vinden, in dit hoofdstuk is, volgens wat er boven staat, ‘Bedreigingen tegen verschillende volkeren’.

Dat mag dan zo wezen, maar die volken worden toch wel tamelijk nauwkeurig gespecificeerd en het eerste volk, tegen welke dan deze bedreigingen geuit worden, is het volk dat woont te Gaza, volgens vers 4, en wat woont in Askelon, Asdod en Ekron, vier plaatsnamen achter elkaar in vers 4.

Daarna wordt het genoemd de inwoneren van de landstreek der zee, de volken der Cherétim. Wat dat ook wezen mag, want daar bestaat nogal wat verschil van mening over. In ieder geval de landstreek der zee en daarmee heet het Kanaän en vervolgens heet het der Filistijnen land en daarna wordt gezegd Ik zal U verdoen enz.

In vers 7 wordt met nadruk gezegd dat dat land vervolgens gegeven zal worden aan het overblijfsel van het huis van Juda. Deze profetie staat bovendien met grote nadruk in verband met wat genoemd wordt in vers 2 : ‘de hittigheid van des Heeren toom’, vervolgens heet het: ‘de dag van den toorn des Heeren’ en aan het einde van vers 3 heet het eveneens: ‘den dag van den toorn des Heeren’.

Dat het daarbij dus gaat om de dag des toorns ‑ een betrekkelijk vaste uitdrukking ‑ en dat het gaat om de dag des Heeren, lijkt mij een duidelijke zaak. Beide uitdrukkingen worden hier dan ook gecombineerd, iets wat op andere plaatsen trouwens ook voorkomt, zoals wel drie uitdrukkingen van deze aard met elkaar worden verbonden.

(more…)

Updated: July 11, 2018 — 1:13 pm

Israel targets Hamas in response to incendiary kites – TV7 Israel News 27.06.18

Updated: July 11, 2018 — 1:13 pm

Ja, kom binnen Heer

WEDERGEBOORTE

Ja, kom binnen HeerJohannes 3:1-8

En er was iemand uit de Farizeeën, wiens naam was Nicodémus een overste der Joden, deze kwam des nachts tot Hem en zeide tot Hem: “Rabbi, wij weten, dat Gij van God gekomen zijt als leraar want niemand kan die tekenen doen welke Gij doet, tenzij God met hem is.” Jezus antwoordde en zeide tot hem.- “Voorwaar, voorwaar ik zeg u, tenzij iemand wederom geboren wordt, kan hij het Koninkrijk Gods niet zien.”

Nicodémus zeide tot Hem: “Hoe kan een mens geboren worden als hij oud is? Kan hij dan voor de tweede maal in de moederschoot ingaan en geboren worden? “Jezus antwoordde: “Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u, tenzij iemand geboren wordt uit water en Geest kan hij het Koninkrijk Gods niet binnen gaan. Wat uit het vlees geboren is, is vlees, en wat uit de Geest geboren is, is Geest. Verwonder u niet, dat Ik u gezegd heb: Gijlieden moet wederom geboren worden.”

Ja zegt de Here Jezus: ‘Als je niet wederom geboren wordt…? Wat is dat een moeilijk woord, hè? “Wedergeboorte”. Begrijp je eigenlijk wel, wat de Here Jezus er precies mee bedoelt? Waar het hier om gaat?
Weet je, dat dit gesprek met Nicodémus het meest onbegrepen gesprek voor ons is? Maar dat dit gesprek een van de voornaamste gesprekken is tussen de Here Jezus en mij? En dat degene die het gesprek begrepen heeft het nog maar het liefst ver van zich af wil schuiven?
We gaan met elkaar dit woord wedergeboorte, dit moeilijke woord, bekijken en er dan een ander duidelijker woord voor in de plaats zetten, want het is nooit de bedoeling van de Heer geweest, dat we Zijn gesprek met ons niet zouden begrijpen. De betekenis van wedergeboorte is gewoon: “opnieuw geboren worden”.
Weder betekent: “Opnieuw”.
Weder betekent: “Nog een keer”
Weder betekent ook: “Terug”.

Wat eenvoudig hè? Kijk, als je nóg een keer geboren moet worden houdt dit in, dat het de eerste keer niet goed, niet volledig gebeurd is, dat er een tweede, een betere geboorte op moet volgen. En als weder ook betekent “terug” dan ligt daarin opgesloten, dat we helemaal terug moeten naar het beginpunt. Zullen we nu met elkaar afspreken, dat we een streep zetten door het woord wedergeboorte en dat we ervoor in de plaats zetten “opnieuw geboren”? “Opnieuw geboren” heeft dus dezelfde betekenis, maar is begrijpelijker voor ons. Nu we gezien hebben dat “opnieuw” ook betekent “terug”, gaan we samen terug naar het beginpunt en dan zijn we precies waar we wezen moeten.

Het beginpunt ligt in het Paradijs. Ja, die toestand in het Paradijs was anders dan de toestand waarin wij nu leven. Adam en Eva leefden toen vóór de zondeval, het was een leven van wandelen met God, ze waren rein, zonder zonde, één met God. Anders gezegd: hun lichaam en Geest waren onafscheidelijk met elkaar verbonden, zij leefden met God, zij praatten met God, zij kregen opdrachten van God, dát was de toestand van de mens in het Paradijs.

Eén van de opdrachten was dat zij niet mochten eten van de vrucht, van de boom der kennis van goed en kwaad. Toch, op een dag werden zij ongehoorzaam aan dat gebod, en zij aten van de verboden vrucht. Tot zóver de Paradijstoestand.

Tot zover moesten we samen even terug. Terwijl zij aten van deze verboden vrucht, kwam tegelijk de zonde in hun leven. Zij waren ongehoorzaam geworden aan de Here hun God, dát was hun zonde en de mens was zondig van toen af aan en zij sleepten daarmee tegelijk ook de aarde met alles wat daarin en daarop groeide mee: alles was nu besmet door hun zonde. alles wat God zo rein geschapen had. En op dat moment dat zij zondigden “de eerste zonde”, op dát moment werd lichaam en Geest gescheiden.

Er kwam een breuk in de relatie, in hun omgang met God zoals die geweest was, een breuk in de eenheid met God die ze kende De Geest week terug van de mens, kon niet meer leven in die mens, die zondig was.
De grote breuk was gekomen.

Nu wil ik even onderbreken want wat ik nu in de laatste regels schreef, is in werkelijkheid veel ingewikkelder. Hierover alleen zou je een boek kunnen schrijven. Dit is in een paar woorden beslist niet uit te leggen. Vandaar dat ik heb geprobeerd het je eenvoudig te vertellen, zodat je het begrijpt, daarom gaat het toch?

Ja, dé grote breuk was gekomen. Maar nu komt de grote liefde van God al naar voren in het begin van het Oude Testament. Direkt na het falen van de mens belooft God dat hij iemand zal sturen om die breuk weer te herstellen, om lichaam en Geest weer één te maken. Hij belooft het aan Adam en Eva. En wat God belooft dat doet Hij.

En daar staat de Here Jezus.
Daar staat de Zoon van God. Gods eigen Zoon staat daar om deze breuk weer te gaan herstellen. De zonde, die scheiding gebracht had tussen God en mens zal weg genomen worden. De belofte wordt vervuld. “Als je niet opnieuw geboren wordt”, zegt de Here Jezus, “kun je het Koninkrijk van God niet binnen gaan”.

Je moet opnieuw geboren worden, wil je weer dát kontakt met Zijn Vader terugkrijgen. “Als je niet opnieuw geboren wordt” zegt de Here Jezus, “kun je het Koninkrijk van God niet binnengaan”.

Je komt nooit weer tot die relatie, die omgang met Hem als je niet…
En dan zie je Nicodémus daar staan.

Nicodémus een leraar van Israël, een hoog geplaatst persoon, een Farizeeër en beslist geen domme jongen zouden wij zeggen, één die er wel wat van afwist. Als er één was die de Bijbel op zân duimpje kende, was hij het wel. Je zou zeggen, één die de Bijbel van voren naar achteren kende.

En juist tegen Nicodémus zegt de Here Jezus “Nicodémus, je moet opnieuw geboren worden, anders kom je er beslist niet, kom je niet binnen in het Koninkrijk van Mijn Vader”. Maar hoe kan dat dan Heer? Ik kan toch niet voor de tweede keer geboren worden uit mijn moeders schoot? Nicodémus begrijpt er niets van. Jij wel? Of begin je al iets te begrijpen van die tweede geboorte? Zal ik het je eens proberen uit te leggen?

Kijk, die eerste geboorte is de gewone lichamelijke geboorte uit het zaad van de man. De Here Jezus noemt dit de vleselijke of natuurlijke geboorte. Het is de aardse geboorte van beneden af. De tweede geboorte is een Geestelijke, een geboorte boven af. Het is de Geestelijke geboorte van God uit, van de Paradijs toestand van vóór de zondeval. Dit is wat Nicodémus moest leren zien en dit is wat jij en ik moeten leren ontdekken. Jij en ik moeten leren ontdekken dat het nu mogelijk is weer dát kontakt, die relatie met God te hebben die er was vóór de zondeval: dat de verbroken verbinding weer hersteld is.

En hebben we dan weer opnieuw de Paradijstoestand terug? Nee, want we leven nog in deze zondige wereld waarin satan zijn macht uitoefent. Deze wereld wacht nog op de tweede nieuwe wereld, die beslist komt. En we leven ook nog niet in een vernieuwd lichaam ook dat komt nog. De Here Jezus kwam in de eerste plaats om het allervoornaamste te herstellen, de grote breuk die “zonde” heet. Hij nam die zonde van ons op Zijn schouders om zo de toegang tot God weer open te breken, zodat wij weer voor Zijn Troon mogen staan; en opdat we weer zouden leven vanuit God, leven met God. Kijk, en dat wordt nu weer hersteld als ik opnieuw geboren wordt. Maar weet je, dat er tegelijk nog meer hersteld is door de Here Jezus’?

Dat er nog meer verandert als ik opnieuw geboren ben? Het is niet alleen mijn leven op aarde hier, nee, het gaat véél verder.

Mijn aardse leven heeft eeuwigheidsleven gekregen. De dood is niet het eindpunt, de dood is overwonnen. Zij is niets anders meer dan de deur waardoor ik ga om met de Here Jezus te worden verenigd. De dood is een doorgang naar boven naar het Godshuis, waar de Here Jezus een woning heeft klaar gemaakt om eeuwig met Hem te leven.

En dit eeuwige leven begint nu. Weet je dat mijn leven dan nu al verandert? Totaal verandert? Zal ik je precies vertellen wat het verschil is tussen “opnieuw geboren zijn” en “niet opnieuw geboren zijn”? Vóór de nieuwe geboorte staat “jouw ik” in het middelpunt, na de nieuwe geboorte staat God in het middelpunt. Bij de natuurlijke geboorte zit ik op de troon van mijn leven, bij de tweede “Geestelijke geboorte” zit God op de troon van mijn leven. Dan wil ik je nog wat meer uitleggen. Ik hoorde het van een predikant die zei: “Weet je dat godsdienst geen enkele waarde heeft, als je niet opnieuw geboren bent, dat kerkelijk werk niets te betekenen heeft in het oog van God, als het niet vanuit Hem geboren is, dat wat je ook voor goeds doet vanuit jezelf, het niet boven bij God aankomt, als je niet opnieuw geboren bent”? Dit mag Nicodémus leren van Jezus: Dit mag jij en ik leren van de Here Jezus. Wij allen mogen leren, ja, wij mogen nog veel meer leren, leren dat we niet opnieuw geboren zijn:

  • omdat we gelovige ouders hebben
  • omdat we geregeld naar de kerk gaan
  • omdat we aan het avondmaal deelnemen
  • omdat we gedoopt zijn
  • omdat we met onze “mond” belijdenis gedaan hebben, maar niet met onze harten

Al ben ik leidster of leider van een club, ambtsdrager of zelfs predikant, één van deze dingen te zijn of te doen, is nog geen garantie dat we opnieuw geboren zijn. En als dit alles tot je doordringt, doordringt dat je verloren bent zonder die tweede geboorte van bovenaf, dan begin je wel te denken, ja, te verlangen naar die nieuwe geboorte [maar… maar… hoe… kan… ik…] vooral als de Here Jezus het de belangrijkste gebeurtenis in mijn leven vindt en dat vindt Hij. Hoe ik dit weet? Uit de Bijbel, het Woord van God, we weten het omdat de Here Jezus het er steeds over heeft.. Hij gebruikt er telkens weer andere uitdrukkingen voor, andere woorden, waarmee Hij hetzelfde bedoelt, net of Hij denkt: “als ze opnieuw geboren niet begrijpen dan begrijpen ze één van deze woorden wel”. Zullen we samen teruggaan naar de Bijbel en kijken welke uitdrukkingen de Heer nog meer gebruikt? Als je dan zelf de Bijbel erbij neemt kun je de tekst opzoeken en in z’n geheel lezen, dan schrijf ik de woorden daaruit op die dezelfde betekenis hebben als “opnieuw geboren”. Goed?

Matth. 7:13           gaat in
Matth. 16:25         zijn leven verliezen
Joh. 1: 12               Hem aannemen
Joh. 3:16               in Hem geloven
Joh. 3:33               Zijn getuigenis aanvaarden
Joh. 5:24               overgaan uit de dood in het leven
Joh. 6:40               aanschouwen en geloven
Joh.6:51                dit brood eten
Joh.6:54                Mijn vlees eten en Mijn bloed drinken
Joh.10:9                de deur binnengaan
Joh.10:27              horen naar Mijn stem
2 Kor.5:17              een nieuwe schepping
1 Joh.4:6               uit God geboren zijn
1 Joh. 4:7               een ieder, die lief heeft, is uit God geboren

We gaan ermee stoppen, want er zijn nog wel meer uitdrukkingen die dezelfde betekenis hebben en misschien weet jezelf nog wel andere te staan in de Bijbel. En nu gaan we met elkaar één ding doen. We gaan al deze uitdrukkingen die dezelfde betekenis hebben, samen bundelen we nemen er één voor in de plaats, één die al de andere samenvat.

En deze is:

DE HEER JEZUS BINNENLATEN IN JE HART

Je weet wel dat ons hart verdeeld is in verschillende kamers, of niet? Nou, als we ons hart eens even gaan vergelijken met het huis waarin we wonen, ja, dan wordt het je nóg duidelijker of niet? Dan wordt het de Heer Jezus binnenlaten in je huis en in je leven En dan komen de vragen:
Hoe laat ik de Heer Jezus binnen in mijn hart?
Hoe doe ik dat precies?
Op welke leeftijd kan ik dat doen?
En wat gebeurt er en wat verandert er dan in mijn leven?

Hoe laat ik de Heer Jezus binnen?

Kniel neer en zeg eenvoudig: “Ja kom binnen Heer: binnen in mijn hart en leven”.

Hoe oud moet ik daarvoor zijn?

Leeftijd speelt geen rol, ja, hoe jonger je de Here Jezus binnenlaat, des te langer kun je Hem dienen.

Wat gebeurt er dan,
wat verandert er dan in mijn leven,
wat houdt het in, dat ik Hem heb binnengelaten?
Zullen we dát samen eens gaan zien, wanneer je gezegd hebt, ja kom binnen Heer?

Ik zal proberen het met een voorbeeld duidelijk te maken. We lezen op de volgende bladzijden over een moeder uit een doorsnee gezin, die net gezegd heeft: Ja, kom binnen Heer. Jij en ik zou dié moeder kunnen zijn.

(more…)

Updated: July 11, 2018 — 1:13 pm

De Opname der Gemeente en de Grote Verdrukking

Opname en verdrukkingHet is een betreurenswaardige zaak, dat er onder oprechte christenen zoveel verdeeldheid bestaat over de aard en het tijdstip van de opname der gemeente. En er is niet alleen verdeeldheid, maar ook onzekerheid. Een veel gehoorde vraag op Bijbelstudieavonden is dan ook:”Wat denkt u, gaat de gemeente door de Grote Verdrukking, of wordt zij voor die tijd opgenomen?” Veel kinderen van God zijn onzeker geworden over de toekomst van de gemeente, omdat zij van hun stuk gebracht worden door de vele verschillende leringen, die over dit onderwerp door hun voorgangers gepredikt worden. Dat de opname van de gemeente, zoals die beschreven wordt in 1 Thessalonicenzen 4, het einde is van de aardse loopbaan van de gemeente, lijkt ons vanzelfsprekend, en wordt ook vrij algemeen aangenomen. De grote strijdvraag is echter: Wanneer vindt die opname plaats. Nu voorziet Gods Woord niet in een jaartal voor deze gebeurtenis, maar het geeft wel degelijk de volgorde aan van alle gebeurtenissen, die zich zullen afspelen rond de wederkomst van onze Heiland. En de Bijbel zegt zeer nadrukkelijk, dat de opname van de gemeente bovenaan staat op Gods agenda. Dat willen wij u aan de hand van de Schrift in het volgende laten zien.

Daniel 9.

Voordat wij ons direct bezighouden met het aardse eindpunt van de gemeente, moeten wij eerst ingaan op het ontstaan ervan. Dit is noodzakelijk, daar hierover minstens zoveel verwarring bestaat. Vrijwel het gehele Oude Testament handelt over Gods bemoeienissen met het volk Israël, Gods uitverkoren volk. En daarin wordt geleerd dat eerst dit volk Israël, als natie haar Messias zou moeten aanvaarden, voordat Hij Zijn koninkrijk zou oprichten en uitbreiden over de hele aarde. Nu leert Paulus in Rom. 9, 10 en 11, dat Israël haar Messias niet heeft geaccepteerd, maar verworpen, en dat God als gevolg daarvan Israël als volk tijdelijk terzijde heeft gezet. In plaats van uitsluitend aan Israël, wordt sindsdien het Evangelie ook gepredikt aan heidenen (d.i. niet-joden). Dit wordt ons duidelijk medegedeeld in Rom.11:11 t/m 15. De gemeente dankt haar ontstaan dus aan de terzijde zetting van Israël. God bouwt nu Zijn gemeente uit heidenen en Joden, omdat Israël als volk haar Messias verwierp. God onderbrak  Zijn relatie met het door Hem uitverkoren volk, om Zich tijdens die onderbreking een ander volk uitte verkiezen. Zo lezen wij het ook in Handelingen 15 v.a. vers 14:

“Simeon heeft verhaald hoe God eerst de heidenen heeft bezocht om uit hen een volk aan te nemen voor (niet: door) Zijn Naam. En hiermede stemmen overeen de woorden der profeten, gelijk geschreven is. (Amos 9:11,12) Na dezen zal Ik wederkeren en weder opbouwen de tabernakel van David, die vervallen is..” Er is dus sprake van een onderbreking in de historie van Israël, waarin God Zich een volk verzamelt uit alle volkeren: de Gemeente, het lichaam van Christus.

Deze breuk in Israëls historie werd reeds zeer duidelijk aangekondigd door de profeet Daniel in Hoofdstuk 9 vanaf vers 24:  “Zeventig zevens (niet: weken) zijn bestemd over uw volk (d.w.z. Daniëls volk: Israël), en over uw heilige stad (Jeruzalem) om de overtreding te sluiten, en om de zonden te verzegelen, en om de ongerechtigheid te verzoenen, en om een eeuwige gerechtigheid aan te brengen, en om het gezicht en de profeet te verzegelen, en om de heiligheid der heiligheden (de Messias) te zalven.

Het is zonder meer duidelijk, dat hier de tijd gemeten wordt, die Israël nog restte, voordat zij als volk in haar uiteindelijke gezegende positie geplaatst zou worden. Deze uiteindelijke positie van Israël is “aan de spits der volkeren” onder de heerschappij van de Messias aan het hoofd van het Messiaanse rijk. Deze dingen zijn aan Israël beloofd. op voorwaarde, dat zij zich zullen bekeren tot de God, met Wie zij een verbond hadden. Het zal duidelijk zijn, dat wanneer, de hier genoemde “zeventig zevens” voorbij zijn, Israël zich inderdaad tot God bekeerd heeft, aangezien, de genoemde zegeningen beslist niet eerder hun deel kunnen worden.

Omdat het ons te ver van ons onderwerp zou voeren, kunnen wij het hoe en waarom van deze profetie hier niet uitvoerig behandelen. Wel moeten wij zeggen, dat de genoemde zeventig zevens “profetische jaren” voorstellen van 360 dagen. Om kort te gaan: Voor Israël restten nog 70 maal 7 = 490 jaren (van 360 dagen) tot aan hun nationale bekering en de oprichting van het aangekondigde Messiaanse rijk. Deze 70 “zevens” worden onderverdeeld in 7 “zevens”; 62 “zevens” en 1 “zeven”, ofwel 49 jaar, 434 jaar en 7 jaar. Dit vinden wij vermeld in de verzen 25 en 27 van dit hoofdstuk.

Volgens vers 25 begonnen deze 490 jaar bij “de uitgang des woords om te doen wederkeren (uit de Babylonische ballingschap) en om Jeruzalem te bouwen“. De enige keer, dat er een “woord uitging” om Jeruzalem te herbouwen was volgens Nehemia 2 in de maand Nisan in het twintigste jaar van Arthasasta (Artaxerxes Longimanus), ofwel op 14 Maart 445 v. Chr.

“…. tot op Messias, de Vorst zijn zeven weken en twee en zestig weken.” (vs. 25). In totaal zouden dus 7 + 62 zevens verlopen tot op “Messias de Vorst” Het zou nog steeds te ver voeren om hier in details te treden, en zonder verder bewijs moeten wij hier dan ook stellen, dat deze uitdrukking “Messias, de Vorst” betrekking heeft op de zgn. “intocht in Jeruzalem“, toen de Heiland als een Koning Jeruzalem binnenreed, op de zondag voor Zijn lijden en sterven. Dit gebeurde op 10 Nisan A.D. 32. Dit komt overeen met 6 April van het jaar 32 van onze jaartelling. Tussen 14 Maart 445 v. Ch. en 6 April 32 verliepen eksakt 173.880 dagen, hetgeen overeenkomst met 69 maal 7 = 483 jaren van 360 dagen!

Vers 25 van Daniël 9 is dus tot op de dag nauwkeurig vervuld!

Nu is het merkwaardig, dat voordat de nog resterende 70ste week genoemd wordt, eerst nog enige andere profetieën worden gedaan, waarvan niet gezegd wordt in welke tijd ze thuishoren. Die resterende 70ste week wordt genoemd in vers 27, terwijl vers 26 eerst nog deze andere profetieën bevat: “En na die tweeënzestig weken zal de Messias uitgeroeid worden, . . . . en een volk van de vorst, die komen zal, zal de stad en het heiligdom verderven, en zijn einde zal zijn met een overstromende vloed, en tot het einde toe zal er krijg zijn en vastelijk besloten verwoestingen.”

Deze dingen zouden dus gebeuren ná de 69 weken, maar vóór de 70ste week, daar die pas genoemd wordt in vers 27. Ziedaar de onderbreking in de historie van Israël!

Van de 490 jaar, die Israël nog in het vooruitzicht waren gesteld, waren er 483 verlopen op de dag van de intocht van de Heer Jezus in Jeruzalem. Op die dag verwierp Israël als natie haar Messias. Op die dag riep de Heiland in tranen uit over de stad Jeruzalem: “Och, of gij ook (evenals de discipelen) bekendet, ook nog in dezen uw dag, hetgeen tot uw vrede dient.” (Luk. 19:42.) Deze dag, die reeds voorspeld werd door de profeet Zacharia (9:9) was de laatste dag van de eerste 69 weken van Daniel. Op dit moment werd Gods klok voor Israël stilgezet. Vanaf deze dag was het niet meer Gods volk! Van dit Israël, dat haar Messias verwierp zegt God: “Noem zijn naam Lo-Ammi ( = niet mijn volk); want gij zijt Mijn volk niet!” (Hos. 1:9)

Maar meteen na deze goddelijke uitspraak lezen wij in de belofte: “En het zal geschieden ter plaatse, waar tot hen gezegd zal zijn: Gijlieden zijt Mijn volk niet, tot hen gezegd zal worden: Gij zijt kinderen des levenden Gods.” (Hos. 1:10) God neemt de draad van Israëls geschiedenis dus wel weer op. Hij laat niet varen het werk Zijner handen. Maar wanneer dit gebeurt gaat noodzakelijkerwijs Israëls klok weer lopen, en beginnen de nog resterende zeven jaar van de totale, door Daniël genoemde 490 jaar. Maar in die tussentijd, die zeer kort beschreven wordt door Dan. 9:26, verzamelt God Zich uit de volkeren een volk voor Zijn Naam: de Gemeente, het lichaam van Christus. De Gemeente heeft haar bestaan op aarde dus te danken aan de verwerping van Israël door God! (Rom. 11:28).

De logische gevolg trekking uit het voorgaande is, dat de nog resterende 70ste week van Dan. 9:27 niet kan aanvangen, voordat de Gemeente weer van het aardse toneel is verdwenen. Israëls klok stopte bij de intocht in Jeruzalem, en nog geen twee maanden later werd een daadwerkelijk begin gemaakt met de bouw van de Gemeente, zoals vernield in Hand. 2.

Het ligt dus voor de hand, dat voordat Israëls tijdrekening weer begint en de 70ste week aanvangt, de gemeente zal zijn weggenomen van de aarde, en degenen die in Christus ontslapen zijn, zullen zijn opgestaan uit (van tussen) de doden (d.i. met achterlating van de overige doden). 1 Thess. 4:13 t/m 18. Dat deze gevolgtrekking juist is, vinden wij bevestigd in het schriftgedeelte, dat wij hierna zullen onderzoeken.

(more…)

Updated: July 11, 2018 — 1:13 pm

DE LIJDENSWEG VAN ISRAËL

Opagedurende 2000 jaren

“En de Here zal u verstrooien onder alle volken van het ene einde der aarde tot aan het andere einde der aarde”. Daartoe zult gij onder die volken niet stil zijn, en uw voetzool zal geen rust hebben, want de Here zal u aldaar een bevend hart geven en bezwijking der ogen en matigheid der ziel.

en uw leven zal tegenover u hangen, en gij zult nacht en dag schrikken, en gij
zult van uw leven niet zeker zijn” Deut. 28: 64-67

“Ik zal hen verstrooien als een stoppel, die doorgaat, door een wind der woestijn.

Dat zal uw loon en uw deel zijn, spreekt de Here, Gij, die Mij hebt vergeten” Jer. 13: 24, 25

70
Verwoesting van Jeruzalem (1. 100.000 gedood; 97.000 geraakten in gevangenschap).
115 – 117
De opstanden der Joden in Mesopotanië, Egypte en Cyprus. (Joden en Romeinen pleegden in de bloedige oorlogen ongelofelijke wreedheden jegens elkander. Honderdduizenden mensen werden op gruwelijke wijze vermoord.)
132 – 135
De grote opstand der Joden in Palestina onder BarKochba, die zich als Messias uitgaf (500.000 Joden gedood; duizenden gevangenen als slaven verkocht).
135
Begin van de vervolging der Joden door Keizer Hadrianus. Jeruzalem wordt als een heidense stad weer opgebouwd; op de tempelberg ontstaat en Jupitertempel; op de heuvel Golgotha wordt en Venustempel opgericht. De Joden wordt het betreden van de heilige stad op straffe des doods verboden. De besnijdenis, het lezen van de wet, het eten van ongezuurde broden en het houden van feesten wordt met de dood gestraft.
315
Keizer Constantijn de Grote vaardigt wetten tegen de Joden uit.
379 – 395
Theodosius de Grote, sluit de Joden van alle ambten en hoge plaatsen uit en roept een wet in het leven, die de verwoesting van hun synagogen veroorlooft, als daaraan godsdienstige doeleinden verbonden zijn.
613
Jodenvervolging In Spanje. Alle Joden, die zich niet lieten dopen, moesten het land verlaten. Enkele jaren later werden de achtergeblevenen van hun bezittingen beroofd, tot slaven verklaard en aan christelijke meesters geschonken. Alle Joodse kinderen vanaf 7 jaar werden van hun ouders weggenomen en aan christenen ter opvoeding gegeven.
1096
Bloedige Jodenvervolging in Duitsland aan het begin van de eerste kruistocht. Verlopen ridders en avonturiers bestreden met op-buit-beluste scharen de Joden “als de belangrijkste vijanden van de christenen”. Het kwam tot gruwelijke schanddaden aan de Moezel en aan de Rijn, in Regensburg en Praag; alleen al in de Rijnsteden moeten 12.000 Joden gedood zijn.
1121
Verdrijving der Joden uit Vlaanderen; zij mogen zolang niet geduld worden, totdat zij hun schuld aan de dood van Jezus verzoend hebben.
1130
De Joden in Londen wordt een geldboete opgelegd van 1 1/2 miljoen gulden, omdat zij, naar het heet, een zieke man gedood zouden hebben.
1146 -1147
Nieuwe Jodenvervolgingen in Duitsland bij het begin van de 2e kruistocht. De Franse monnik Rudolf wekt zijn tijdgenoten op om de kruistocht te beginnen met de uitroeiing van de Joden.
1181
De Franse koning Philips Augustus wijst alle Joden binnen zijn gebied uit. Alle roerende goederen mogen verkocht worden, terwijl de onroerende goederen aan de koning vervallen. Na 17 jaar haalt de koning de Joden terug!
1189
Bij de kroning van Richard Leeuwenhart in Londen brak geheel onverwachts een vervolgingsstorm tegen de Joden los. De meeste Joodse huizen in Londen werden verbrand, en vele Joden kwamen om het leven. In de volgende jaren werden in vele steden van Engeland de Joden beroofd en vermoord. Als grondregel gold, dat alle Joodse eigendommen toebehoorden aan de koning. Richards opvolger nam
de Joden in negen jaren tijd bijna 8 1/2 miljoen gulden af.
1215
Het 4de Lateraanse Concilie(Lateraan = woonplaats van de pausen, voordat zij zich in 1378 in het Vaticaan vestigden) besluit tot maatregelen tegen de Joden.
1290
Eduard 1 verdrijft de Joden uit Engeland. De roerende goederen mogen worden meegenomen. Ruim 16.000 Joden verlaten het land.
1298
Jodenvervolging in Frankrijk, Beieren en Oostenrijk. In het Franse stadje Röttingen brak de storm los, omdat de Joden zogenaamd een hostie onteerd zouden hebben. De edelman Rindfleisch beweerde, door God geroepen te zijn, om de Joden van de aardbodem te verdelgen. In totaal werden meer dan 140 Joodse gemeenten vernietigd en kwamen meer dan 100.000 Joden om het leven.
1306
Koning Philips de Schone verdrijft de Joden uit Frankrijk. Bijna 100.000 Joden verlaten zonder middelen van bestaan het land.
1320
In Frankrijk verzamelden zich 40.000 herders tot een “herder-kruistocht” naar Palestina. In plaats van tot een kruistocht, kwam het onder invloed van misdadigers en landlopers, tot roof en plunderingen. 120 Joodse gemeenten werden vernietigd.
1321
De Joden worden beschuldigd melaatsen opgehitst te hebben, om de bronnen en rivieren in het Franse landschap Guienne te vergiftigen. Meer dan 5.000 Joden moeten als gevolg daarvan verbrand zijn
geworden.
1348
Jodenvervolgingen in Europa, vooral in Duitsland. De Joden wordt de schuld van de pest in de schoenen geschoven. Vreselijke gruwelen! In Straatsburg 2.000 Joden verbrand; in Mainz bijna 6.000 Joden vermoord; in Erfurt 3.000 Joden omgebracht. In Worms hebben 400 Joden zichzelf in hun huizen verbrand.
1370
Enige Joden in Brabant worden beschuldigd een hostie onteerd te hebben. De beschuldigden worden levend verbrand en alle Joden uit Vlaanderen uitgewezen. Ter herinnering daaraan vierde de christelijke
bevolking om de vijftien jaren een feest, waarvan het laatste plaats gevonden heeft in 1820.
1391
Jodenvervolgingen in Spanje. In Sevilla en in meer dan 70 Joodse gemeenten kwam het tot onbeschrijfelijke gruweldaden.
1394
De tweede uitdrijving der Joden uit Frankrijk; zij weken voornamelijk naar Duitsland en Italië uit.
1453
De franziscaner monnik Capistrano krijgt in Polen van de koning gedaan, dat de Joden hun voorrechten ontnomen worden, omdat zij die misbruikt zouden hebben.
1478
De Inquisitie neemt de strijd tegen de Joden in Spanje op.
1492
Verdrijving der Joden uit Spanje. Ongeveer 300.000 Joden verlaten Spanje.
1497
Verdrijving der Joden uit Portugal. Onder druk van de Spaanse koning moeten alle Joden, die niet tot de katholieke kerk willen overgaan, binnen een jaar tijds het land verlaten. Omdat de Portugese koning
Manuëi de Joden graag behouden wilde, kwam het tot gedwongen dopen. 20.000 Joden wilden emigreren; een groot deel werd door een list daartoe verhinderd en na afloop van de gestelde limiet tot slaven verklaard.
1516
Eerste ghetto in Venetië.
1540
Joden worden uit Napels verdreven. Tien jaar later uit Genua en Venetië.
1593
Paus Clemens VIII verbant de Joden uit de kerkstaat. Alleen in Rome, Ankona en Avignon worden zij geduid. Waar de Joden elders op pauselijk gebied werden aangetroffen, maakt men hen tot galei-slaven.
1794
Joden worden in Rusland in bijzondere gebieden samengedreven. Onder Alexander 1 (1815-’55) verdere beperkingen! De Joden worden tot een 25-jarige militaire dienst gedwongen.
Honderdduizenden verlaten het land.
1846 – 1878
Onder Paus Pius IX worden in de kerkstaat alle vroegere uitzonderingswetten tegen de Joden opnieuw
ingevoerd.
1881

Nieuwe vervolgingen in Rusland. Bijzondere wetten tegen de Joden. Emigratie van Joden naar Amerika. In 25 jaren verlaten 3 miljoen Joden Oost-Europa.

1903 -1905
De Joden in Rusland worden opnieuw bedreigd. Talrijke Joden worden gedood en honderdduizenden geraken in de diepste armoede en ellende.
1933
Begin van de Jodenvervolging in Duitsland. Joden worden door de ambtenarenwet uitgeschakeld. Op 1
april algemene Joden-boycot. In 1935 verbieden rassen-wetten het huwelijk tussen Joden en Ariërs.
Op 9/10 nov. 1938 de Kristalnacht, verwoesting van synagogen, Joodse zaken en woningen door S. A. en S.S. De Joden wordt een bijzondere belasting van 1 miljard mark opgelegd. Uitschakeling van de
Joden uit het wetenschappelijke en sociale leven. Jodenster, massa-emigratie van meer dan 300.000 Joden.
1941 -1945
De massa- vernietiging van Joden in het oosten door Nazi-Duitsland. Bijna 6 miljoen Joden komen om in de concentratiekampen of worden vergast.
14 mei 1948
Oprichting van de staat Israël

Dit is de droevige geschiedenis van “de wandelende Jood”. “Gij zult onder die volken niet stil zijn en uw voetzool zal
geen rust hebben.” 
Op welk een verschrikkelijke wijze is deze eeuwenoude profetie van Mozes tot op de huidige dag vervuld geworden. Is het volk der verkiezing niet het volk der vertrooiing geworden, bijna overal gehaat en vervolgd?

Updated: July 11, 2018 — 1:13 pm
Page 1 of 212
My CMS © 2018 Frontier Theme